Home > De Boeken > Het Kleine Huis op de Heuvel > Liedjes en Versjes

 
 
 
 
 
 
 

Liedjes en Versjes

Liedje op pagina 18:
O, gij oevers van de mooie Doon,
Hoe kunt gij bloeien zo fris en schoon,
Hoe kunt gij zingen, klein vogelijn,
En ik zo moe en vol zorgen zijn.

Liedje op pagina 19:
Zing ons een lied, zing het zacht,
Nu w'in ons oude bivak zijn vannacht,
Een lied van thuis en oude vrinden,
Die wij zo lang en teer beminden.

Liedje op pagina 23:
De sterren wentelen door de lucht,
En onder ons wentelt de aard.
Het ratelend wiel draait almaar door,
En wij gaan in volle vaart.

Liedje op pagina 41:
O Dakotaland, lief Dakotaland,
Hier sta ik op je gloeiend hete zand.
Ik kijk naar je vlakte, eens zo gezegend,
Waar het nu al lang niet meer heeft geregend.
Ik vraag de engel GabriŽl in de hemel hoog
Blijft het soms tot de dag des oordeels droog?
We kunnen hier niet leven, met ons is het gedaan,
Maar we zijn veel te arm om weg te gaan.

Liedje op pagina 46:
En in de ramen zit geen glas meer.
En de sneeuw waait door het dak.
Het vuur is alleen nog maar as
En het hongerig huilend wolvenpak
Sluipt rond mijn hutje door het gras!

Liedje op pagina 46:
Dus raak je ooit in zo'n knokpartij
Omdat je brutaal was of bang
Onthoud dan, vriend, je was er zelf bij
's Is je eigen schuld als je hangt.

Liedje op pagina 80:
Ouwe mevrouw werd Willem Wevers bruid;
En Willem was een vrolijke schavuit.
Kijk maar uit! Kijk maar uit! Kijk maar uit!
Dixieland,
Maar toen hij haar in zijn armen nam,
Was het of zijn lach uit een geweerloop kwam;
Kijk maar uit! Kijk maar uit! Kijk maar uit!
Dixieland.
Ach, was ik maar in Dixie, hoera! hoera!
In Dixieland daar blijf ik dan,
Ik leef en sterf in Dixie,
Weg, weg, weg, naar het zuiden, naar Dixie;
Weg, weg, weg, naar het zuiden, naar Dixie;

Liedje op pagina 88:
Daar in Kentucky, in die groene vallei,
Daar was ik altijd gelukkig en blij,
Daar zat ik te zingen bij de deur van het huis
Van mijn schat Nelly Gray, daar voelde ik me thuis.

Liedje op pagina 88:
We komen bijeen rond de vlag, jongens,
We komen opnieuw bijeen
En onze strijdkreet blijft 'Vrijheid'!

Liedje op pagina 89:
O, verjaag die saaie zorgen
En doe al wat je kan.
Zet je schouders eronder
Is het motto voor iedere man.
Verjaag die bekommernissen.
Huil niet om je zorgen.
Want gaat het vandaag al verkeerd,
Dan komt er altijd nog een morgen.

Liedje op pagina 90:
Ta-ra-ra-boem-di-jee!
Ta-ra-ra-boem-di-jee!
Ta-ra-ra-boem-di-jee!
Ta-ra-ra-boem-di-jee!

Gedichtje op pagina 170:
'Een potje voor Alice'
Beneden in het dal waar het koren groeit
En het windje rond een wiegje stoeit,
Daar zingen de maaiers een vrolijk lied
O, hoor je hun luide stemmen niet:
Dit koren is prachtig, het meel is niet duur
Zet maar gauw weer een potje voor Alice op 't vuur

 

 
 
Het Kleine Huis op de Prairie